Aruba - AfkondiginsBald 2011

2011 no. 37

AFKONDIGINGSBLADVAN

ARUBA

 

 LANDSVERORDENING van 19 mei 2011 houdende nieuwe regels ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer in verband met het vastleggen en verstrekken van persoonsgegevens (Landsverordening persoonsregistratie)

 Uitgegeven, 9 juni 2011

 De minister van Justitie en Onderwijs,

 

A.L.Dowers

 

IN NAAM DER KONINGIN!

DE wnd. GOUVERNEUR van Aruba,

 

In overweging genomen hebbende:

dat het ter beschenning van de persoonlijke levenssfeer in verband met het vastleg­ gen en verstrekken van persoonsgegevens noodzakelijk is uitvoering te geven aan ar­ tikel 1.16, tweede en derde lid, van de Staatsregeling van Aruba:

 

Heeft, de Raad van Advies gehoord, met gemeen overleg der Staten, vastge­ steld onderstaande landsverordening:

 

 

Hoofdstuk I

verstrekken van ge­ gevens uit een per­ soonsregistratie

 

 

verstrekken van ge­ gevens aan een derde

 

politietaak politieregister antecedenten

reglement koppeling

: bet bekend maken of ter beschikking stellen van persoons­ gegevens, voor zover zulks geheel of grotendeels steunt op gegevens die in de persoonsregistratie zijn opgenomen, of die door verwerking daarvan, al dan niet in verband met an­ dere gegevens, zijn verkregen;

: verstrekken van gegevens uit een persoonsregistratie aan een persoon of instantie buiten de organisatie van de houder, met uitzondering van bet verstrekken aan de bewerker of de geregistreerde;

: de taak van de politie, omschreven in artikel 2, eerste lid, van de Landsverordening politie (AB 1988 no. 18);

: de persoonsregistratie, aangelegd ten dienste van de uitvoe­ ring van de politietaak;

: persoonsgegevens met betrekking tot de toepassing van bet strafrecbt of de strafvordering;

: bet reglement, bedoeld in artikel 19, eerste lid;

: bet treffen van techniscbe of organisatoriscbe voorzienin­ gen, waardoor verschillende pesoonsregistraties systema­ tiscb met elkaar kunnen worden vergeleken.

 

Artikel 2

 

Algemene bepalingen Artikel 1

In deze landsverordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Deze landsverordening is niet van toepassing op:

a.  persoonsregistraties die naar bun aard voor persoonlijk gebruik bestemd zijn;

b. persoonsregistraties die uitsluitend ten dienste staan van de openbare informatie- voorziening door pers, radio oftelevisie;

c.  boeken en andere schriftelijke publicaties, alsmede catalogiseringen daarvan;

d.  openbare registers die bij ofkrachtens landsverordening zijn ingesteld;

e.  persoonsregistraties die worden gehouden ter uitvoering van de Kiesverordening;

de Minister persoonsgegeven

 

persoonsregistratie

houder bewerker

: de minister van Justitie;

: een gegeven dat herleidbaar is tot een individuele natuurlij­ ke persoon;

: een samenhangende verzameling van op verschillende per­

sonen betrekking hebbende persoonsgegevens, die langs ge­ automatiseerde weg wordt gevoerd of met het oog op een doeltreffende raadpleging van die gegevens systematisch is aangelegd;

: degene die de zeggenscbap beeft over een persoonsregistra­ tie;

: degene die het gebeel of een gedeelte van de apparatuur on­ der zicb heeft, waarmee een persoonsregistratie waarvan hij niet de bouder is, wordt gevoerd;

f.  persoonsregistraties die worden gehouden bij of ten beboeve van de Veiligheids­

dienst, bedoeld in bet Landsbesluit Veiligheidsdienst (AB 1988 no. 78);

g.  persoonsregistraties die worden gebouden op grond van de Landsverordening op de justit ele documentatie en op de verklaringen omtrent bet gedrag (AB 1989 no. GT 83).

b. de petsoonsregistratie die wordt gebouden ingevolge artikel 4 van de Landsveror­ dening meldplicht ongebruikelijke transacties (AB 1995 no. 85).

 

Artikel3

 

1. Een persoonsregistratie wordt slecbts aangelegd voor een bepaald doel waar­ toe bet belang van de bouder redelijkerwijs aanleiding geeft.

2.  Het doel van een persoonsregistratie mag niet in strijd zijn met een algemeen verbindend voorschrift, de openbare orde of de goede zeden.

 

Artikel4

 

De houder doet een ieder desverlangd kennisnemen van:

a.  het doel van de persoonsregistratie;

b. de categorieen van personen over wie gegevens in de persoonsregistratie worden opgenomen;

c.  de soorten van gegevens die in de registratie worden opgenomen;

d.  de gevallen waarin opgenomen gegevens worden verwijderd.

 

Artikel 5

2. Binnen de organisatie van de· houder worden uit een persoonsregistratie slechts gegevens verstrekt aan personen die ingevolge hun taak die gegevens mogen ontvangen.                                                                                       ·

 

 

Artikel 8

 

De houder draagt zorg voor de nodige voorzieningen van technische en organi­ satorische aard ter beveiliging van een persoonsregistratie tegen verlies of aantasting van de gegevens en tegen onbevoegde kennisneming, wijziging of verstrekking daar­ van. Gelijke plicht rust op de bewerker voor het geheel of bet gedeelte van de appara­ tuur die hij onder zich heeft.

 

1.  De houder kan weigeren aan een in artikel 4 bedoeld verzoek te voldoen, voor zover dit noodzakelijk is in het belang van:

a.  de veiligheid van het Land;

b. de opsporing en vervolging van strafbare feiten;

c. economische en financiele belangen van bet Land;

d.  inspectie, controle en toezicht door of vanwege het Land;

e.  gewichtige belangen van anderen dan de verzoeker, de bouder daaronder begrepen.

2.  De weigering is met redenen omkleed.

 

Artikel 6

 

1.  Een persoonsregistratie bevat slecbts persoonsgegevens die recbtmatig zijn verkregen en in overeenstemming zijn met het doel waarvoor de registratie is aange­ legd.

2.  Opneming in een persoonsregistratie van persoonsgegevens betreffende ie­ mands godsdienst of levensovertuiging, ras, politiekegezindheid, sexualiteit, alsmede persoonsgegevens van medische, psycbologische of tuchtrecbtelijke aard, en per­ soonsgegevens betreffende het lidmaatschap van een vakvereniging, geschiedt niet dan voor zover dit voor bet doel van de registratie onvermijdelijk is. Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, kunnen daaromtrent nadere regels worden gesteld.

3.  De houder treft de nodige voorzieningen ter bevordering van de juistheid en de volledigheid van de opgenomen persoonsgegevens.

 

Artikel 7

 

1. De opgenomen persoonsgegevens worden slechts gebruikt voor doeleinden die met bet doel van de persoonsregistratie verenigbaar zijn.

Hoofdstuk II

 

Verstrekken van gegevens aan een derde Artikel 9

1. Uit een persoonsregistratie worden slechts gegevens aan een derde verstrekt voor zover zulks voortvloeit uit het doel van de registratie, wordt vereist ingevolge een wettelijk voorschrift of geschiedt met toestemming van de geregistreerde.

2. Ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek of statistiek dan wel op grond

van een dringende en gewicbtige reden, kunnen desgevraagd en onder vermelding van het doel waarvoor de verstrekking wordt verzocht, gegevens aan een derde wor- den verstrekt voor zover:

a.  het doel waarvoor de verstrekking is verzocht, niet in strijd is met de wet of de

openbare orde;

b. de verstrekking redelijkerwijs in overeenstemming is met dat doel;

c.  door de verstrekking de persoonlijke levenssfeer van de geregistreerde niet one-

venredig wordt geschaad.

3.  De houder laat op verzoek van de geregistreerde de verstrekking van op hem betrekking hebbende gegevens achterwege.

4. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing voor zover op de houder uit

hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift een plicht tot geheimhouding rust.

 

Artikel 10

 

1.  Indien voor de verstrekking van gegevens uit een persoonsregistratie_ toe­ stemming van de geregistreerde is vereist, kan deze slechts schriftelijk worden gege- ven.

 

2. De toestemming kan betrekking hebben op een geval of op een beperkte ca­ tegorie van gevallen en moet in het geschrift nauwkeurig zijnomschreven.

3. De toestemming kan steeds schriftelijk worden ingetrokken.

 

Artikel 11

 

1.  Uit een persoonsregistratie, gehouden door of vanwege het Land, kunnen, onverminderd artikel 9,·desgevraagd gegevens worden verstrekt aan personen of in­ stanties met een publiekrechtelijke taak., voor zover zij die gegevens behoeven voor de uitvoering van hun taak en de persoonlijke levenssfeer van de geregistreerden daardoor niet onevenredig wordt gescbaad.

2.   Artikel 9, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

 

 

Hoofdstuk III

 

Rechten van de belanghebbende op kennisneming

3.  De houder draagt zorg dat een beslissing tot verbetering, aanvulling of ver­ wijdering zo spoedig mogelijk wordt uitgevoerd.

 

Artikel 14

 

1. De houder deelt een ieder op <liens verzoek mede of hem betreffende gege­ vens in het jaar voorafgaande aan het verzoek uit de persoonsregistratie aan derden zijn verstrekt.

2.  Indien zodanige verstrekking is geschied, doet de bouder daarvan desver­ langd binnen een maand na ontvangst van het verzoek in schriftelijke vorm medede­ ling aan de verzoeker. De bouder kan volstaan met een in algemene termen vervatte mededeling betreffende de aard van de verstrekte gegevens en degenen aan wie deze zijn verstrekt, indien de vastlegging daarvan achterwege is gebleven en hij redelij­ kerwijs mocht aannemen dat bet belang van de geregistreerde daardoor niet oneven­ redig zou worden geschaad.

3. De artikelen 5 en 12, derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

en verbetering                                                                                                                         Artikel 15

 

Artikel 12

 

1.  De houder deelt een ieder op diens verzoek mede of hem betreffende per­ soonsgegevens in de registratie zijn opgenomen.

2.  lrtdien zodanige gegevens in de registratie zijn opgenomen, stelt de houder de verzoeker desverlangd binnen een maand na ontvangst van bet verzoek schriftelijk een volledig overzicbt daarvan met inlicbtingen over berkomst ter beschikking.

3. De houder draagt zorg voor een deugdelijke vaststelling van de identiteit van de verzoeker.

4.  Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing.

 

Artikel 13

 

l. Degene aan wie overeenkomstig artikel 12 kennis is gegeven van hem be­ treffende persoonsgegevens, kan de houder schriftelijk verzoeken deze te verbeteren, aan te vullen of te verwijderen, indien deze feitelijk onjuist, voor het deel van de regi­ stratie onvolledig of niet terzake dienend zijn dan wel in strijd met een wettelijk voorschrift in de registratie voorkomen. Het verzoek behelst de aan te brengen wijzi­ gingen.

2. De houder bericht de verzoeker binnen twee maanden na ontvangst van het verzoek schriftelijk of, dan wel in hoeverre hij daaraan voldoet De artikelen 5 en 12, derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

l. Met betrekking tot persoonsregistraties, uitsluitend voor wetenschappelijk onderzoek of statistiek aangelegd zijn de artikelen 12 en 13 niet van toepassing, in­ dien de uitkomsten waarvoor de persoonsgegevens worden gebruikt, niet meer her­ leidbaar zijn tot individuele natuurlijke personen.

2. Artikel 14 is niet van toepassing met betrekking tot verstrekking van gege­

vens aan een derde die deze uitsluitend voor wetenscbappelijk onderzoek of statistiek ver.la.JD.elt, mits de uitkomsten waarvoor deze gegevens worden gebruikt, niet meer herleidbaar zijn tot individuele natuurlijke personen.

 

Hoofds IV Verzoekschriftprocedure Artikel 16

1.  Indien de houder niet aan een verzoek als bedoeld in artikel 4, 12, 13 of 14, voldoet, kan de betrokkene zicb wenden tot de rechter in eerste aanleg met bet schrif­ telijk verzoek de houder te bevelen alsnog aan dat verzoek te voldoen. Gelijke be­ voegdheid heeft de betrokkene, indien hij zicb door een mededeling als bedoeld in artikel 14, tweede lid, tweede volzin, in zijn belangen geschaad acbt.

2. Het verzoekschrift wordt ingediend binnen twee maanden na ontvangst van het antwoord van de houder, bedoeld in artikel 12, tweede lid, 13, tweede lid, of 14, tweede lid, dan wel in het geval, bedoeld in artikel 4, binnen twee maanden nadat de betrokkene kennis heeft genomen of redelijkerwijs heeft kunnen nemen van het ant­ woord van de houder. Indien de houder niet binnen de gestelde termijn heeft geant-

woord, wordt het verzoek.schrift ingediend binnen twee maanden na afloop van die termijn.

3.  Indien de houder, bedoeld in het eerste lid, een bestuursorgaan is in de zin van artikel 1 van de Landsverordening administratieverechtspraak, is op beslissingen van deze houder die landsverordening van toepassing.

 

 

Hoofdstuk V Politieregister Artikel 17

De korpschef van het Korps Politie Aruba is de houder van het politieregister.

 

Artikel 18

 

l. Koppeling van het politieregister met enige andere persoonsregistratie vindt niet plaats dan overeenkomstig het reglement, bedoeld in artikel 19, eerste lid.

2.  Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, kunnen omtrent koppe­ ling nadere regels worden gesteld ter beschenning van de persoonlijke levenssfeer.

3.  De Minister kan in bijzondere gevallen toestemming geven tot een koppeling zonder dat daariri in het reglement is voorzien, indien dit noodzakelijk is voor de on­ verwijlde opsporing van een misdrijfwaardoor de rechtsorde ernstig is geschokt.

 

Artikel 19

 

1. De korpschef stelt voor het politieregister een reglement vast.

2. De vaststelling geschiedt na overleg met de Minister.

3.  De korpschef doet een ieder desgevraagd kennisnemen van het Reglement Politieregister.

4. Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing.

 

Artikel 20

 

1. In het reglement wordt de werking van het politieregister beschreven.

2.  Het reglement bevat in elk geval een regeling van de volgende onderwerpen:

a.  het doel van het politieregister;

b.  de categorieen van personen over wie gegevens worden opgenomen en de soorten van de over hen op te nemen gegevens;

c.  de gevallen waarin opgenomen gegevens worden verwijderd en, zodra dit mogelijk is, vernietigd;

d.  de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder koppeling van het politieregister met enige andere persoonsregistratie is toegestaan;

e.  de aanwijzing van de bewerker van bet politieregister;

f.  de wijze van verstrekking van gegevens of antecedenten uit het politieregister.

 

Artikel 21

 

In afwijking van het bepaalde in hoofdstuk II worden uit het politieregister op bun verzoek slechts gegevens of antecedenten verstrekt aan:

a.  leden van bet openbaar ministerie;

b.  leden van de rechterlijke macht;

c.  door de Minister aan te wijzen reclasseringswerkers en ambtenaren van de kinder­ beschenning;

d.  de in artikel 184, eerste lid, en 185, van het Wetboek van Strafvordering van Aruba genoemde opsporingsambtenaren;

voor zover zij deze behoeven voor de uitoefening van bun taak en de persoonlijke le­ venssfeer van de geregistreerden daardoor niet onevenredig wordt geschaad.

 

Artikel 22

 

1.   Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de verstrekking van gegevens of antecedenten uit bet politie­ register aan.andere personen of instanties dan die, genoemd in artikel 21. Daarbij worden de aan die verstrekking te stellen voorwaarden vastgesteld.

2.   Bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, worden regels gesteld omtrent de verstrekking van gegevens uit bet politieregister - hetzij door tussenkomst van Interpol, hetzij rechtstreeks - aan politie-autoriteiten in andere landen, alsmede omtrent de daarbij te stellen voorwaarden aan bet gebruik daarvan door die politieau­ toriteiten.

 

Hoofdstuk VI Internationale aspecten Artikel 23

1.  Deze landsverordening is mede van toepassing op zich niet in Aruba bevin­ dende persoonsregistraties van een in Aruba gevestigde houder, voor zover deze per­ soonsgegevens bevatten van in Aruba gevestigde personen.

2. De Minister kan ontheffing verlenen van bij of krachtens deze landsverorde­ ning gestelde bepalingen voor een persoonsregistratie als bedoeld in het eerste lid, in­ dien de voor die persoonsregistratie geldende wetgeving van het land waar de per­ soonsregistratie zich bevindt, een gelijkwaardige bescherming biedt voor de persoon­ lijke levenssfeer van de geregistreerden.

 

Artikel24

 

1.   Degene die vanuit Aruba toegang heeft tot een zich buiten Aruba bevinden­ de persoonsregistratie waarop deze landsverordening niet van toepassing is, is ver­ plicht de nodige voorzieningen te treffen voor de beveiliging van die toegang en van de daardoor verkregenpersoonsgegevens.

2.    Het is verboden vanuit Aruba gegevens te verstrekken aan of te betrekken van een zich elders bevindende persoonsregistratie waarop deze landsverordening niet van toepassing is, voor zover door de Minister is verklaard dat door zodanig ver­ strekken of betrekken de persoonlijke levenssfeer van de betrokken personen ernstig' kan worden benadeeld.

Artikel 28

 

1.  Deze landsverordening treedt in werking met ingang van de dag na die van haar plaatsing in bet Afkondigingsblad van Aruba.

2. Zij kan worden aangehaald als Landsverordening persoonsregistraties.

 

 

Gegeven te Oranjestad, 19 mei 2011 A.Tromp-Yarzagaray

 

De minister van Justitie en Onderwijs, A.L.Dowers

 

Hoofdstuk VII Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 25

 

Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van deze landsverordening en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmak.ingverplicht of uit zijn taak bij deuitvoering van deze landsverordening de noodzaak tot bekendmakingvoortvloeit.

 

Artikel 26

 

1.  Degene, die handelt in strijd met het bepaalde in de artikelen 3, 6, 7, 8, 9, 24 of 25, wordt gestraft meteen geldboete van ten hoogstetienduizend florin.

2. De in het eerste lid stratbaar gestelde feiten zijn overtredingen.

 

Artikel 27

 

De Minister zendt binnen twee jaar na de inwerkingtreding van deze landsver­ ordening aan de Staten een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze landsverordening in de praktijk.

Previous
Previous

Antigua and Barbuda - Data Protection Act 2013

Next
Next

Bahamas - Data Protection Act